VRAGENLIJST

Bij het beantwoorden van onderstaande vragen is het belangrijk om te kijken hoe uw kind is in vergelijking met leeftijdsgenoten van hetzelfde geslacht en dezelfde leeftijd. Probeer het best passende antwoord in te vullen.

U geeft antwoord op een schaal van 1 tot 5.

Mijn kind...

... maakte als baby al snel oogcontact.  1  2  3  4  5
... was een zeer alerte baby.  1  2  3  4  5
... wilde als baby al vroeg niet meer liggen (bijvoorbeeld in de box of wandelwagen).  1  2  3  4  5
... kon al vroeg staan en lopen.  1  2  3  4  5
... heeft niet of nauwelijk gekropen.  1  2  3  4  5
... sprak al snel in correcte (vol)zinnen.  1  2  3  4  5
... heeft veel slaap nodig.  1  2  3  4  5
... gebruikt eenvoudige taal (hij/zij praat bijvoorbeeld in eenvoudige, korte zinnen).  1  2  3  4  5
... legde al vroeg verbanden (bijvoorbeeld als ... dan/dus redeneringen).  1  2  3  4  5
... was al op jonge leeftijd bezig met levensvragen.  1  2  3  4  5
... heeft een grote nieuwsgierigheid.  1  2  3  4  5
... is breed geïnteresseerd.  1  2  3  4  5
... stelde op jonge leeftijd veel waarom vragen.  1  2  3  4  5
... heeft een groot rechtvaardigheidsgevoel.  1  2  3  4  5
... heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel.  1  2  3  4  5
... kende al vroeg de betekenis van getallen.  1  2  3  4  5
... heeft zichzelf (grotendeels) leren lezen.  1  2  3  4  5
... heeft zichzelf (grotendeels) leren schrijven.  1  2  3  4  5
... heeft zichzelf (grotendeels) leren rekenen.  1  2  3  4  5
... heeft (veel) oefening nodig om zich bepaalde (basis)vaardigheden eigen te maken.  1  2  3  4  5
... is gevoelig voor externe prikkels (bijvoorbeeld harde geluiden of fel licht).  1  2  3  4  5
... is perfectionistisch (bijvoorbeeld ongeduldig reageren op eigen onvermogen of onvermogen van anderen).  1  2  3  4  5
... heeft een apart gevoel voor humor.  1  2  3  4  5
... wil niet worden geholpen, hij/zij wil alles zelf doen.  1  2  3  4  5
... heeft een zeer goed geheugen (kan bijvoorbeeld gedetailleerd een herinnering beschrijven, onthoudt veel zaken).  1  2  3  4  5
... heeft een hoog leertempo bij een onderwerp waar zijn/haar interesse naar uitgaat (bijvoorbeeld legt snel verbanden tussen verschillende informatie).  1  2  3  4  5
... is weinig kritisch ten opzichte van volwassenen.  1  2  3  4  5
... doet dingen graag op zijn/haar eigen manier.  1  2  3  4  5
... is creatief in het vinden van oplossingen (kan zaken samenvoegen om zo tot een nieuwe oplossing of concept te komen).  1  2  3  4  5
... heeft een vergevorderd abstract taalbegrip (bijvoorbeeld het begrip van metaforen).  1  2  3  4  5
... experimenteert niet graag.  1  2  3  4  5